Microsporum canis: schimmel van hond en kat op de mens

Geupdate op:

microsporum canis honden

Je leest dit artikel in 6 minuten

Microsporum canis is een zoöfiele dermatofyt, een schimmelsoort die van nature leeft bij katten en honden en via direct contact op mensen kan overspringen. De naam verraadt de historische associatie met honden (canis = hond), maar in de praktijk zijn katten de belangrijkste bron van menselijke besmetting. Bij kinderen is M. canis wereldwijd de meest frequente oorzaak van tinea capitis (hoofdhuidinfectie met schimmel), terwijl bij volwassenen ook tinea corporis (huidschimmel op de romp en ledematen) door dit organisme wordt veroorzaakt. De schimmel kan zich snel verspreiden in huishoudens en kinderdagverblijven wanneer een geïnfecteerd dier in de omgeving aanwezig is. Vroegtijdige herkenning, behandeling van zowel de patiënt als het brondierd, en preventieve maatregelen zijn noodzakelijk om clustering van gevallen te voorkomen. Dit artikel beschrijft de biologie van M. canis, de klinische presentaties, diagnostische methoden en de meest effectieve behandelingen voor zowel kinderen als volwassenen.

Biologie: hoe leeft en verspreidt Microsporum canis zich?

Microsporum canis behoort tot de familie Arthrodermataceae en de orde Onygenales, dezelfde groep als andere dermatofyten als Trichophyton rubrum en Trichophyton tonsurans. Het organisme produceert grote, spilvormige macroconidia met een ruwe wand en meerdere cellen, wat kenmerkend is voor Microsporum-soorten bij microscopisch onderzoek.

Als zoöfiele soort heeft M. canis zijn primaire reservoir bij katten en honden. Geïnfecteerde dieren tonen lang niet altijd zichtbare letsels: dragerschap zonder klinische tekenen is common, waardoor eigenaren de infectiebron niet opmerken. De schimmel overleeft wekenlang in omgevingsmateriaal zoals beddengoed, haarborstels, kussens en vloeren, wat indirecte transmissie mogelijk maakt.

Welke dieren dragen Microsporum canis?

Katten

Katten zijn het primaire reservoir. Jonge, kortharige kittens worden vaker aangetast, maar elke kat kan drager zijn. Aangetaste katten vertonen soms kleine, ronde kaalplekken met schilfering rondom ogen, oren of op de kop, maar symptoomloos dragerschap is minstens even frequent. Huiskatten en zwerfkatten in contact met kinderen vormen het grootste risico.

Honden

Honden zijn minder frequent besmet dan katten, maar kunnen evenmin zichtbare klinische tekenen tonen. Yorkshire terriers en andere kleinere rassen schijnen iets vatbaarder te zijn. Besmetting van hond naar kind is beschreven, maar minder frequent dan via katten.

Andere dieren

Zelden worden ook konijnen, cavia’s en andere kleine huisdieren als bron aangewezen. Wilde dieren (vossen, egels) kunnen soms betrokken zijn.

Klinische presentaties bij mensen

Tinea capitis (hoofdhuidinfectie)

Tinea capitis door M. canis is de meest voorkomende schimmelinfectie van de hoofdhuid bij kinderen tot de puberteit. Kenmerkend patroon:

  • Ectothrix-patroon: sporen hopen zich op aan de buitenzijde van de haarschacht, waardoor haar gemakkelijk afbreekt vlak boven de hoofdhuid.
  • Fluorescentiepositief: onder Wood’s lamp (UV-licht van 365 nm) fluoresceert geïnfecteerd haar fel groen-geel. Dit is een snelle, niet-invasieve screeningstool.
  • Grijspatroon (“grey patch ringworm”): ronde, schilferige kaalplekken met gebroken haarstomp, weinig ontsteking.
  • Kerion celsi: zeldzamere, ernstigere vorm met een inflammatoire, pustuleuze, pijnlijke plak. Kan littekens en permanente kaalheid veroorzaken zonder adequate behandeling.

Tinea capitis vereist altijd systemische behandeling; topicale middelen bereiken de haarfollikel niet voldoende.

Tinea corporis (huidschimmel op romp en ledematen)

M. canis veroorzaakt bij kinderen en volwassenen ringworm (tinea corporis): ronde, scherp begrensde, schilferige laesies met een actieve randzone en centrale opklaring. Meerdere laesies kunnen gelijktijdig aanwezig zijn. Locaties zijn gelaat, hals, armen en romp: plaatsen die contact hadden met het geïnfecteerde dier.

Tinea faciei

Infectie van het gezicht presenteert zich als asymmetrische, soms onregelmatige rode plekken die makkelijk verward worden met eczeem of lupoïde aandoeningen, zeker als corticosteroïdcrème is gebruikt (tinea incognito).

Tinea barbae

Bij mannen met baardgroei kan M. canis de baardzone aantasten, met pustuleuze follikelontsteking en korstvorming. Dit vereist systemische therapie.

Diagnose van Microsporum canis-infecties

Snelle en accurate diagnose voorkomt verspreiding en geeft richting aan behandeling:

  • Wood’s lamp-onderzoek: geïnfecteerde haarschachten door M. canis fluoresceren groen-geel. Positieve fluorescen is sterk diagnostisch; negatieve uitslag sluit infectie niet uit (enkele Microsporum-stammen en Trichophyton-soorten fluoresceren niet).
  • KOH-preparaat: haar of huidschraafsel opgelost in kaliumhydroxide; microscopisch zichtbare sporen rondom de haarschacht (ectothrix) bevestigen de diagnose.
  • Schimmelkweek op Sabouraud-agar: goudstandaard voor soortidentificatie; groei duurt 2-4 weken. Kolonies van M. canis zijn wit tot geel met gele pigmentatie aan de onderkant.
  • PCR: snelle moleculaire identificatie, steeds beschikbaarder maar niet overal standaard.

De NHG-Standaard Dermatomycosen adviseert kweek bij vermoeden van tinea capitis om de soort te bevestigen en het antifungogram te bepalen indien nodig.

Gebruik ook de symptomenchecker schimmelinfectie voor een eerste oriëntatie op uw klachten.

Behandeling van Microsporum canis-infecties

Tinea capitis: systemische therapie verplicht

Lokale antischimmelcrèmes zijn bij tinea capitis onvoldoende omdat de infectie de haarfollikel penetreert. De aanbevolen systemische behandelingen:

  • Griseofulvine: historisch de goudstandaard voor M. canis-tinea capitis. Hoge affiniteit voor geïnfecteerd keratine. Dosis: 20-25 mg/kg/dag (microsized) gedurende 8-12 weken. Goed werkend bij Microsporum-soorten. In Nederland verkrijgbaar via apotheken op recept.
  • Terbinafine: uitstekend bij Trichophyton-soorten, maar minder effectief bij Microsporum; hogere doseringen of langere behandelduur (12-16 weken in plaats van 4 weken) zijn nodig.
  • Itraconazol: effectief alternatief bij M. canis; 5 mg/kg/dag gedurende 6-8 weken of pulstherapie. Minder bijwerkingen dan griseofulvine bij oudere patiënten.
  • Fluconazol: minder consistent effectief bij M. canis; hogere doseringen en langere kuren vereist.

Lees meer over de keuze tussen middelen: Antischimmelcrème of tabletten: wanneer welke behandeling?

Aanvullende lokale behandeling bij tinea capitis

Antischimmelshampoo (ketoconazol of seleniumsulfide 2,5%) 2-3 keer per week als aanvulling op systemische therapie: vermindert verspreiding van sporen en verkort besmettelijkheidsperiode. Kinderen mogen na gebruik van de shampoo naar school of kinderdagverblijf; uitsluiting is met adequate behandeling niet langer geïndiceerd volgens huidige inzichten.

Tinea corporis en tinea faciei: topicale eerste keus

Bij beperkte huidinfecties zonder haarfollikelgbetrokkenheid zijn lokale middelen voldoende:

  • Terbinafine crème (Lamisil): 1 dd, 2-4 weken.
  • Miconazol (Daktarin) of clotrimazol (Canesten): 2 dd, 4-6 weken.
  • Ketoconazol crème of shampoo (Nizoral): optie bij uitgebreide huidinfecties of bij betrokkenheid van gezichtsbegroeiing.

Bij uitgebreide, meerdere of hardnekkige huidlaesies is aanvullende systemische behandeling met itraconazol of griseofulvine gerechtvaardigd.

Het huisdier behandelen: onmisbare stap

Behandeling van de menselijke patiënt alleen is niet voldoende: het reservoir (de kat of hond) moet eveneens worden behandeld door een dierenarts. Zonder veterinaire behandeling is herinfectie vrijwel zeker.

Aanbevelingen voor het huisdier:

  • Veterinaire diagnose door schimmelkweek van haarmonsters; asymptomatische dragers worden zo geïdentificeerd.
  • Systemische antischimmeltherapie (itraconazol of terbinafine) voor dieren; duur afhankelijk van soort en respons.
  • Antischimmelshampoo (enilconazol of miconazol) voor katten en honden als aanvulling.
  • Alle katten en honden in het huishouden onderzoeken, ook als ze symptoomloos zijn.

Pas wanneer de kweek van het dier twee opeenvolgende malen negatief is, is behandeling succesvol afgerond.

Omgevingsdecontaminatie

M. canis-sporen kunnen weken overleven in de omgeving. Reinigingsmaatregelen:

  • Was beddengoed, kledij en handdoeken op minimaal 60°C.
  • Stofzuig tapijten en matrassen grondig; verwijder dierenhaar uit de omgeving.
  • Reinig harde vloeren met een desinfecterende reiniger die werkzaam is tegen schimmels (hypochloriet of quaternaire ammoniumverbindingen).
  • Gooi besmette haarborstels, kammen en speeltjes weg of desinfecteer ze.
  • Beperk contact van het dier met zachte meubels en slaapruimten tijdens behandeling.

Zie ook: Schimmelinfectie voorkomen: 15 praktische preventietips.

Epidemiologie en maatschappelijke impact

In Europa en Noord-Amerika is M. canis de meest gemelde oorzaak van tinea capitis bij kinderen, met name in stedelijke gebieden met hoge kattenpopulaties. Uitbraken op scholen en kinderdagverblijven zijn gemeld wanneer meerdere kinderen contact hadden met hetzelfde geïnfecteerde dier. In sommige landen (Spanje, Italië, Portugal, Turkije) is M. canis verantwoordelijk voor meer dan 80% van alle gevallen van tinea capitis.

In Nederland laat de NHG-Standaard Dermatomycosen ruimte voor klinische diagnose bij typische presentatie, maar beveelt kweek aan bij tinea capitis om soort te bevestigen en behandeling te sturen.

Lees meer over huidschimmels in het algemeen: Huidschimmels bij de mens: oorzaken, symptomen en behandeling.

Veelgestelde vragen

Hoe weet ik of mijn kat of hond geïnfecteerd is met Microsporum canis?

Geïnfecteerde dieren kunnen kaalplekken, schilfering of korstvorming vertonen, maar asymptomatisch dragerschap is frequent. De enige betrouwbare methode is een cultuur van haarmonsters door een dierenarts. Als een kind of familielid een tinea capitis of tinea corporis-infectie heeft door M. canis, moeten alle huiskatten en -honden worden onderzocht.

Kan ik als volwassene ook Microsporum canis krijgen?

Ja. Volwassenen ontwikkelen vaker tinea corporis (huidschimmel) of tinea faciei dan tinea capitis. Het immuunsysteem van volwassenen biedt enige bescherming, maar bij intensief diercontact of immuundeficiëntie is infectie zeker mogelijk. Behandeling met lokale antischimmelcrème is dan doorgaans voldoende.

Hoe lang is iemand met Microsporum canis besmettelijk?

De besmettelijkheid neemt snel af na het starten van adequate therapie. Bij tinea capitis bij kinderen wordt na 2-4 weken systemische behandeling terugkeer naar school of kinderdagverblijf doorgaans verantwoord geacht, mits de shampoo eveneens wordt gebruikt. Definitieve niet-besmettelijkheid is aangetoond met een negatieve kweek.

Werkt terbinafine crème bij Microsporum canis?

Bij huidinfecties (tinea corporis) is terbinafine crème effectief. Bij tinea capitis (hoofdhuid) is terbinafine als enig lokaal middel niet voldoende; systemische therapie is altijd vereist. Bovendien reageert M. canis minder goed op orale terbinafine dan op griseofulvine of itraconazol; hogere doseringen of langere behandelduur zijn dan nodig.

Is Microsporum canis gevaarlijk voor immuungecompromitteerden?

Bij patiënten met ernstige immuundeficiëntie kunnen uitgebreidere of diepere infecties optreden. Kerion celsi (inflammatoire abcesvorming op de hoofdhuid) kan bij inadequate behandeling leiden tot littekens en kaalheid. Raadpleeg altijd een arts bij twijfel over de diagnose of bij uitblijven van respons op behandeling.

Welke preventieve maatregelen zijn het meest effectief?

De meest effectieve preventiemaatregelen zijn: regelmatige veterinaire controle van huisdieren, vermijden van contact met zwerfkatten, goede handhygiëne na het aaien van dieren, en omgevingsdecontaminatie (wassen van beddengoed, stofzuigen). Bekijk ook: Schimmelinfectie voorkomen: 15 praktische preventietips.

Medische disclaimer

Dit artikel is algemene informatie en vervangt geen medisch advies. Raadpleeg bij aanhoudende klachten een huisarts of dermatoloog.

Geef een reactie